Neurowetenschappelijke en psychologische fundamenten
van de MGA Smart Reset Methode
- Waar alles op steunt
Deze pagina biedt de empirische en theoretische basis waarop onze aanpak is gebouwd.
Neurowetenschappelijke en psychologische fundamenten
van de MGA Smart Reset Methode
- Waar alles op steunt
Deze pagina biedt de empirische en theoretische basis waarop onze aanpak is gebouwd.
De visie en methodiek van MGA steunen op consistente inzichten uit de neurowetenschappen, stressfysiologie en prestatiepsychologie:
Stress en prestatie
Onder druk schakelt het brein automatisch over naar overlevingsmodus, met tijdelijke remming van executieve functies in de prefrontale cortex.
(Stress response & executive inhibition – LeDoux, Arnsten).
Autonoom zenuwstelsel
Spanningsregulatie verloopt primair via hersenstam en autonoom zenuwstelsel, vóór cognitieve sturing mogelijk is.
(Polyvagaal kader, autonome regulatie – Porges).
Bottom-up vóór top-down
Fysiologische regulatie (ademhaling, beweging, sensorische input) is de snelste en meest betrouwbare weg terug naar regulatie. Cognitieve sturing volgt pas wanneer het systeem opnieuw online is.
(Bottom-up vs. top-down processing – Porges, Siegel).
Regulate – Relate – Reason
Duurzame gedragsverandering vereist eerst regulatie, daarna veiligheid en verbinding, pas daarna reflectie en leren.
(Sequential Engagement Theory – Bruce Perry).
Window of Tolerance
Leren, presteren en zelfsturing zijn alleen mogelijk binnen een gereguleerde fysiologische bandbreedte.
(Window of Tolerance – Dan Siegel).
Zelfbewustzijn onder druk
Meta-bewustzijn en zelfmonitoring nemen af precies wanneer spanning toeneemt, wat expliciete training noodzakelijk maakt.
(Stress-induced loss of metacognition – Arnsten, Baumeister).
Trainbaarheid
Spanningsregulatie, herstel en veerkracht zijn geen persoonlijkheidskenmerken, maar neurologisch trainbare vaardigheden.
(Neuroplasticiteit – Doidge, Kolb & Whishaw).
Daarnaast steunt MGA op goed onderbouwde principes rond taal, aandacht en automatisering:
Affect labeling
Het benoemen van interne ervaringen activeert prefrontale netwerken en vermindert amygdala-activiteit.
(“Name it to tame it” – Dan Siegel; affect labeling – Lieberman).
Zelfspraak en aandacht
Taakgerichte, niet-prestatiegerichte zelfspraak ondersteunt focus en uitvoering zodra het brein opnieuw gereguleerd is.
(Attentional focus, self-talk – Wulf, Hardy).
Routines en rituelen
Herhaalbare structuren verlagen cognitieve belasting en vergroten voorspelbaarheid.
(Habit formation, cognitive load – Kahneman, Graybiel).
Groeitaal en mindset
Proces- en ontwikkelingsgerichte taal vergroot leerbereidheid en volharding binnen een gereguleerd systeem
(Growth mindset – Carol Dweck).
Taakgerichtheid boven prestatietaal
Aandacht voor uitvoerbare acties vermindert dreiging en ondersteunt het doe-brein effectiever dan evaluatieve taal.
(Task focus vs. ego focus – Nicholls, Self-Determination Theory – Deci & Ryan).
Taal, routines en focus werken niet in plaats van regulatie, maar versterken haar zodra het systeem weer online is.
De Smart Reset Methode vertaalt deze fundamenten
naar toepasbare stappen onder druk.